Loopbaan

Er zijn verschillende mogelijkheden om je als brandweerpersoneel  te ontplooien: je kan stijgen in graad, je kan je specialiseren of extra functies opnemen binnen je zone.

Van alle personeelsleden wordt verwacht dat zij zich jaarlijks bijscholen.

Stijgen in graad of bevorderen

In totaal zijn er acht graden bij de brandweer, van brandweer (m/v/x) tot kolonel. Hoe hoger je graad, hoe meer manschappen je moet aansturen. Ook zal je meer administratieve taken uitvoeren of meewerken aan het beleid van de zone.

BASISKADER

  • Brandweer
  • Korporaal

MIDDENKADER 

  • Sergeant
  • Adjudant

HOGER KADER  

  • Luitenant
  • Kapitein
  • Majoor
  • Kolonel

Het functieprofiel van elke graad is opgenomen in de Ministeriële Omzendbrief van 8 oktober 2016.

Indien je aan bepaalde voorwaarden voldoet, kan je stijgen in graad: je bent geslaagd voor de brevetopleiding van die graad, je hebt een goede evaluatie en je bent geslaagd voor voor de bevorderingsproef.

Ontdek waarin je je kan specialiseren

Naast je basistaken bij de brandweer zijn er verschillende gespecialiseerde taken die de job nog extra boeiend maken. Zo kan je worden opgeleid in vakgebieden die passen bij jouw interesse en beschikbare tijd. Word bijvoorbeeld expert in duiken of brandpreventie of word opgeleid als gaspakdrager, instructeur of als lid van het Fire Stress Team (FiST). De noden van de hulpverleningszone en jouw passie staan centraal en je kan bijdragen aan een sterkere brandweer en een veiligere samenleving.

Extra functies

Afhankelijk van je graad kan je extra ondersteunende functies opnemen. Zo kan je bijvoorbeeld als je in je hoofdberoep garagist bent, technisch-logistiek assistent worden in je zone en de brandweervoertuigen onderhouden. Hetzelfde geldt voor iemand die ICT gestudeerd heeft die taken als administratief assistent kan opnemen. Vanaf de graad van luitenant kan je postverantwoordelijke, operationeel of administratief/technisch specialist worden.

Bijscholing

Als brandweer is het belangrijk om je je hele carrière bij te scholen. Er zijn immers voortdurend nieuwe ontwikkelingen in procedures, types van incidenten en materieel.  Zo blijf je op de hoogte van alles en blijf je je eigen veiligheid en die van je collega’s continu verbeteren, maar zorg je ook voor een goede dienstverlening aan de burgers.

De bijscholing bij de brandweer bestaat uit de ‘voortgezette opleiding’ en de ‘permanente opleiding’. De voortgezette opleidingen zijn bedoeld om competenties die je reeds hebt, aan te vullen of te verbeteren. Je volgt deze meestal in een brandweerschool. Het gaat bv. om opleidingen over natuur- en bosbranden, gevaarlijke stoffen, en hybride en elektrische voertuigen. Over een periode van vijf jaar moet je minimaal 120 uur voortgezette opleiding volgen. Meer informatie over de voortgezette opleidingen vind je hier.

De permanente opleiding bedraagt minimaal vierentwintig uur per jaar en gebeurt in je eigen post of je eigen zone. Zo leer je oefenen met het eigen materieel van de zone of op bepaalde locaties in de zone en je leert er samenwerken met je directe collega’s. De zone beslist over de inhoud en het aantal uren van de permanente opleiding.

Verloning

Brandweerpersoneel van eenzelfde graad krijgt dezelfde verloning, ongeacht voor welke zone iemand werkt. De tabellen met de weddeschalen per graad vind je als bijlage 1 van het geldelijk statuut

Als vrijwilliger krijg je geen ‘loon’ maar een ‘vergoeding’ die ook afhangt van je graad. Je wordt betaald voor wachtdiensten in de kazerne, interventies, preventie, administratieve of logistieke taken, oefeningen en opleidingen. De tabellen met de bedragen van de vergoedingen per uur en per graad vind je als bijlage 2 van het geldelijk statuut. Als je vrijwillig brandweerpersoneel bent, geniet je van een fiscale vrijstelling en een vrijstelling van sociale zekerheidsbijdragen omdat je jezelf ten dienste stelt van de bevolking.

Zowel beroeps- als vrijwillig personeel kan bovendien nog verschillende soorten toelagen krijgen.

Verlof

Als beroeps heb je minimum recht op 26 dagen verlof, met een extra verlofdag per jaar als je ouder bent dan 50 jaar.

Als vrijwilliger beslis je zelf over wanneer je je beschikbaar stelt en opgeroepen kan worden. In die zin kan je dus beslissen om je voor enige tijd niet beschikbaar te stellen om bijvoorbeeld op vakantie te gaan. Je moet uiteraard wel rekening houden met de beschikbaarheidsverplichtingen die gelden in de hulpverleningszone waar je werkt.